Uit het keurslijf van moeten

Marcus 2: 23-3:6 en Deuteronomium 26: 5-11

Marcus 2: 23-3:6 en Deuteronomium 26: 5-11
juni 2, 2024
Tom Odell
Marcus 2: 23-3:6 en Deuteronomium 26: 5-11
Download bladmuziek
Karin Seijdell
We hebben een aantal vragen voor je bedacht om verder na te denken over deze overdenking.
Vraag 1: Naar wie wil jij vandaag uitreiken?
Vraag 2: Wat heb jij aan goeds ontvangen deze week?

Uit het keurslijf van moeten

Heal, heal, heal, heal. Breekbaar en krachtig zingt Tom Odell vier keer dat hij genezing wil. Van zijn geest, van zijn pijn. Van zijn verleden en zijn zondes. Zoals een zeil de wind vangt, zo wil hij genezing ontvangen.

Uit het keurslijf van schuld, van verschrompeld vertrouwen, roepen om genezing. Dwars tegen alle conventies in. Want wanneer heb je als mens recht op genezing? Wat moet je ‘doen’ om dat te verdienen? 

In Deuteronomium lezen we over de nieuwe kans, de bevrijding uit Egypte. Totaal onverwacht een nieuwe kans, en deze tekst beantwoordt die kans met dankbaarheid en daarvan delen met anderen. Om de Eeuwige te danken voor die vrijheid, is er in de tekst een oproep om een feestmaal aan te richten met al je vrienden, familie en vreemdelingen. Iedereen welkom, altijd. Dat klinkt als iets wat navolging verdient, ook nu. Want allemaal zijn we op een bepaalde manier slaaf van ons leven, van wat er allemaal moet. Van wie we zijn geworden, soms tegen wil en dank…

En datzelfde gulle gebaar, dat delen om niet, vinden we in Marcus 2 en 3. Jezus gaat er recht tegen verwachtingen in om genezing mogelijk te maken. Hongeringen voedt hij op Sabbat, en een man met een verschrompelde hand, die niet meer kan geven en ontvangen, geneest hij ook. Want, de sabbat is er voor de mens, en niet de mens voor de sabbat (Mc 2: 27).  Het is koren op de molen van zijn tegenstanders. Want het gaat in tegen de Thora, die de Sabbat als rustdag bestempelt. Waarop je niet mag werken. Jezus reikt uit op die dag. Zoals hij in de Tenach keer op keer zag dat de Eeuwige uitreikte naar zijn mensen, en het volk van Israel in alle weerbarstigheid ook bleef volhouden. Een relatie die gebroken is uit het keurslijf van geboden en verboden. Verbonden door de keuze voor elkaar.

Tom Odell vraagt ook aan het eind van zijn lied weer om genezing, vier keer. En sluit het af met de zin: And tell me some things last. Ook dat herhaalt hij vier keer. Een bevestiging dat sommige dingen eeuwigheidswaarde hebben. De verschrompelde hand kwam weer tot leven. We zijn als mensen gemaakt om te geven en ontvangen. Dat is een van de ‘things that last.’

Share: