Hoe voelt genade?

Jona 3: 1-10 en 4: 1-11

Jona 3: 1-10 en Jona 4: 1-11 | Hoe voelt genade
februari 16, 2025
Jo Black
Jona 3: 1-10 en 4: 1-11
Janos Schellevis
We hebben een aantal vragen voor je bedacht om verder na te denken over deze overdenking.
Vraag 1: Hoe voelt genade, vergeven worden, voor jou als het gebeurt in je leven?
Vraag 2: Vergeef jij anderen wel eens? Misschien ook wel eens letterlijk bij een schuld?
Vraag 3: Is het een idee om het nummer keihard op te zetten als je vergeven bent om zo te beleven wat het met jou doet? En zing mee ‘Sê my, voel jy die genade?’

‘Hoe voelt genade?’

‘Sê my, voel jy die genade?’, zo zingt en vraagt herhaaldelijk in zijn song de hier niet zo bekende Zuid-Afrikaanse zanger Jo Black. En met ’kijk omhoog’ geeft hij al aan waar die goede gunst -die de genade is- vandaan komt. Weten wij eigenlijk hoe dat voelt, als je vergeven wordt, als je genade krijgt? Wel, wat je fout deed, daar komt niemand ooit nog op terug; dat is weg, voor altijd voorbij!

Dat is het en dat doet Gód en Gods ménsen als het goed is. En zeker ook wel anderen die niet in God geloven maar wel in zijn stijl handelen…! De mensen van de stad Ninevé weten heel goed hoe genade voelt, omdat hun enorme stad weggevaagd zou worden vanwege hun wangedrag door de jaren heen. Maar ze toonden massaal spijt en de straf van God die Jona hen had aangezegd, werd toen gecanceld.  Jona heeft daar goed de pest in want deze nogal typische profeet kon het niet hebben dat God genadig was. Nota bene nadat God zijn eigen leven óók genadig gered had via de walvis. En nu zit hij daar te sikkeneuren in het hete Nineve.

De song van Jo Black slaat ook op Jona en dan klinkt het zo -in het NL-: de zon komt op, verblindt jouw ogen. Het water (van de zee waar Jona in gegooid werd) stroomt en het water loopt. Vertel me, voel (jij Jona) de genade? Jij bent maar een mens en jij zult nooit uit zijn hand vallen. Hij is God. En dat zingt hij in feite ook uitleggend voor de mensen van Ninevé en voor ons die dit lezen. Met telkens die vraag maar herhalend, om iedereen maar goed te laten beseffen hoe diep vergeving iets met je doet: ‘Sê my, voel jy die genade?’

En dan legt Jo Black heel goed uit hoe het (theologisch) zit met dat kwijtschelden van het kwaad in zijn pittige rock nummer. En dat begrijpen we ook wel in het Suid-Afrikaans. Maar jy sal nooit uit sy hand val. Jy is vrygekoop. Die prys is reeds betaal. Jy is skoongewas, een Koningskind. Sê my, voel jy die genade?

En laat de emoties dan maar komen: Open jou armen. Laat die trane loop. Wat een opluchting en wat een zegen, die God en de mensen die voor jou genadig zijn!

Share:

Jona 3: 1-10 en Jona 4: 1-11

Jona 3

1Opnieuw richtte de HEER zich tot Jona: 2‘Maak je gereed en ga naar Nineve, die grote stad, om haar aan te klagen met de woorden die ik je zeg.’ 3En Jona maakte zich gereed en ging naar Nineve, zoals de HEER hem opgedragen had.

Nineve was een reusachtige stad, ter grootte van drie dagreizen. 4Jona trok de stad in, één dagreis ver, en riep: ‘Nog veertig dagen, dan wordt Nineve weggevaagd!’ 5De inwoners van Nineve geloofden God: ze riepen een vasten uit en iedereen, van hoog tot laag, hulde zich in een boetekleed. 6Toen de profetie de koning van Nineve bereikte, stond hij op van zijn troon, legde zijn staatsiegewaad af en ging, gehuld in een boetekleed, op de grond zitten. 7En hij liet in Nineve omroepen: ‘Volgens bevel van de koning en zijn edelen is het niemand toegestaan te eten of te drinken, mens noch dier, rund noch schaap of geit. De dieren mogen niet grazen of water drinken. 8Iedereen, mens en dier, moet zich hullen in een boetekleed en luidkeels God aanroepen. Laat iedereen anders gaan leven en breken met het onrecht dat hij doet. 9Misschien dat God van gedachten verandert en op zijn besluit terugkomt; wie weet zal hij zijn woede laten varen, zodat wij niet te gronde gaan.’ 10Toen God zag dat zij inderdaad anders begonnen te leven, kwam hij terug op wat hij gedreigd had hun aan te doen, en hij deed het niet.

Jona 4

1Dit wekte grote ergernis bij Jona en hij werd kwaad. 2Hij bad tot de HEER: ‘Ach HEER, heb ik het niet gezegd toen ik nog thuis was? Daarom wilde ik naar Tarsis vluchten. Ik wist het wel: u bent een God die genadig is en liefdevol, geduldig en trouw, en tot vergeving bereid. 3Laat mij maar sterven, HEER: ik ben liever dood dan dat ik zo verder moet leven.’ 4Maar de HEER zei: ‘Is het terecht dat je zo kwaad bent?’

5Nadat Jona Nineve had verlaten, was hij aan de oostkant van de stad gaan zitten. Hij had er een hut gemaakt om in de schaduw af te wachten wat er met de stad zou gebeuren. 6Nu liet God, de HEER, een wonderboom opschieten om Jona schaduw boven zijn hoofd te geven en zijn ergernis te verdrijven. Jona was opgetogen over de plant. 7Maar de volgende morgen, bij het aanbreken van de dag, liet God de plant door een worm aanvreten, zodat hij verdorde. 8En toen de zon opkwam, liet God een verzengende wind uit het oosten waaien; de zon brandde zo op Jona’s hoofd dat hij door de hitte werd bevangen. Hij bad om te mogen sterven: ‘Ik ben liever dood dan dat ik zo verder moet leven.’ 9Maar God zei tegen Jona: ‘Is het terecht dat je zo kwaad bent over die plant?’ Jona antwoordde: ‘Ik ben verschrikkelijk kwaad, en terecht!’ 10Toen zei de HEER: ‘Als jij al verdriet hebt om die wonderboom, waar jij geen enkele moeite voor hebt hoeven doen en die jij niet hebt laten groeien, een plant die in één nacht opkwam en in één nacht verging, 11zou ik dan geen verdriet hebben om Nineve, die grote stad, waar meer dan honderdtwintigduizend mensen wonen die het verschil tussen links en rechts niet eens kennen, en dan nog al die dieren?’