‘Waar ben jij op gericht?’
Het bijbelboek Openbaring hoort tot het literaire genre van de apocalyptiek, populair in het Romeinse Rijk — een wereld die zichzelf zag als eeuwig en goddelijk. De keizer heette “zoon van God” en bracht zogenaamd vrede, maar het rijk dreef op slavernij, uitbuiting en ongelijkheid. In die wereld schreef Johannes zijn visioenen — niet als voorspelling, maar als verzet in beelden. Hij sprak niet openlijk over Rome; dat was te gevaarlijk. In plaats daarvan schilderde hij een symbolisch tegenverhaal. In hoofdstukken 16 en 17 noemt hij Rome de “Hoer van Babylon”: een verleidelijke stad die haar macht bouwt op geweld en onrecht.
Daarna richt hij zijn pijlen op de kerk van Efeze, een havenstad in West-Turkije.
Die gemeente krijgt lof: ze is standvastig in geloof en waakzaam tegenover valse leraren, en ze wijst de Nikolaïeten af. Dat was een beweging van Christenen die vooraan in de kerk zaten, maar in de praktijk meededen met de Romeinse cultuur van uitbuiting, corruptie, en seks zonder wederzijdse instemming (gedongen tempelprostitutie en seks met slaven) De eerste liefde — de oorspronkelijke bezieling en compassie — is verkild. Daarna komt de les: Jullie geloof is correct, maar niet meer warm. De eerste of vroegere liefde voor God en voor elkaar lijkt verkild. Hun oprechte bezieling en hun compassie met de naaste lijkt verdampt. Tot zover de pijlen van Johannes.
Dan de arrowhead (pijlpunt)van Wovenhand. David Eugene Edwards zingt in apocalyptische beelden, niet prekend maar poëtisch. De pijl in zijn lied is een mens die door God gericht wordt — niet om te verwonden, maar om te raken. Het is het doorboord worden door waarheid, door een licht dat binnendringt en zuivert.
Beide teksten — Johannes en Wovenhand — gaan over geraakt worden, niet door oordeel, maar door confrontatie met het wezenlijke. Wie geraakt wordt, kan niet blijven zoals hij was. De pijl herinnert aan het gemis van wat ooit zuiver was, maar ook aan de genezing die volgt. Het vuur in de ogen van Christus is niet om te verteren, maar om te zuiveren — licht dat pijn doet, omdat het geneest.