‘Het onverwachte verwachten’
Mooie tekst, deze 1e Advent. Maar ook lastig en vreemd. En klopt het wel? Jezus zegt tegen de omstanders: ‘Ik verzeker jullie: deze generatie zal zeker nog niet verdwenen zijn wanneer al die dingen gebeuren’. Tja, dat is toch wat anders gelopen. Jezus zit er, met alle respect, nog meer naast dan de peilingen bij de verkiezingen. We zijn twintig eeuwen verder. En nog niks opgeschoten? En dan ook dit: aan de ene kant wordt er een vergelijking gemaakt met de vijgenboom. De les is: als je de dingen goed observeert, dan weet je wanneer het einde nabij is, en kun je je daarop instellen. Aan de andere kant, in één adem door, wordt er gezegd dat je niet weet wanneer die tijd zal komen. Hoe dan?
Er zit dubbelheid in Jezus’ woorden. Misschien betekent het dit: Advent is het besef dat niets voorgoed vastligt. Dat het altijd anders kan — in de wereld, en in jezelf. De toekomst is open, zolang er mensen geboren worden, zolang er leven ontkiemt, zelfs midden in de winter.
De vijgenboom leert ons: wie goed kijkt, ziet de knoppen al. Nog klein, nog kwetsbaar, maar ze zijn er. Dat vraagt om openheid – om niet bang te zijn, maar verwachtingsvol te blijven. Dan is Advent leren zien wat zich aandient, leren vertrouwen dat nieuw leven mogelijk is. Dat is ‘waakzaam zijn’: niet uit angst, maar uit hoop.
Het onverwachte verwachten — dat is de kunst van geloven. Bloei in de winter. Je moet er oog voor hebben – maar het is er. In Better Days van Benjamin Ingrosso klinkt het ook. Het niet weten, de onzekerheid, het donker van nu — maar er blijft toch geloof in wat komt. Geen naïef optimisme, maar een vorm van verwachtingsvol kijken: zien met het hart, niet met het oog. Een lied vol hoop, tegen de stroom in.