Keep the faith

Matteüs 14: 22-33

Matteüs 14: 22-33 | Keep the faith
augustus 9, 2026
Bon Jovi
Matteüs 14: 22-33
Jaap van den Akker
Gebruik in de dienst: Na de schriftlezing, na de overdenking, als kyriegebed
We hebben een aantal vragen voor je bedacht om verder na te denken over deze overdenking.
Vraag 1: Waar zie jij als een berg tegen op?
Vraag 2: Hoe houd jij vertrouwen in deze onrustige wereld?
Vraag 3: Is er een hand die je kunt grijpen? Van wie? Steek jij wel eens zo’n redden hand uit?

‘Keep the faith’

Er dobbert een boot midden op het meer. Het waait. Golven slaan tegen de boeg. De nacht valt. Het is donker, koud, en eng. De leerlingen zijn bang. Jezus is op het vaste land gebleven. Wat nu?

De twijfel slaat toe.

Plotseling is Jezus er. De leerlingen herkennen hem niet. Ze zien spoken. Ze zijn het helemaal kwijt. Angst vertroebelt het verstand.

“Ik ben het!”, zegt Jezus, “Wees niet bang!”.

Eigenlijk zegt Jezus niet meer dan: “Ik ben”. Hij noemt de naam van God zelf. jhwh, dat is niet meer en niet minder dan: ik ben.

Ook als je mij niet ziet. Ook als ik op het vaste land ben en jij zit op het water in een vliegende storm. Ook al je denkt dat je mij kwijt bent, houd vertrouwen: Ik ben bij je. Keep the faith. Het refrein bij het nummer van Bon Jovi werkt als een mantra. Jon Bon Jovi zingt zichzelf moed in. Echt reden om vertrouwen te houden heeft hij niet. De twijfel overspoelt hem: “Ik heb geleden onder mijn woede. Er zijn oorlogen die niet te winnen zijn. Ik ben gebroken als een pijl. Het is moeilijk vol te houden als er niemand is om op te leunen.” En toch zingt, roept hij het over zichzelf af: “Heer, ik moet het geloof behouden. Laat liefde niet in haat veranderen. Op dit moment moeten we het geloof behouden!” Het is niet dat de wereld er opeens anders uitziet. Het is niet dat de problemen opeens zijn opgelost. Maar het helpt hem wel. Zing je zelf moed in. Vind mensen die met je meezingen.

Als Jezus herkend wordt door de leerlingen, als de storm is gaan liggen en het vertrouwen terug is., dan denkt Petrus. Dat kan ik ook: over het water lopen. Hij stapt uit de boot en verdraaid. Het lukt! Hij staat op het water! Hij loopt Jezus tegemoet. Hij overwint zijn angst. Hij staat óp de chaosmacht die het water in de Bijbel steeds weer is.
Totdat hij de wind om zijn oren voelt waaien. Totdat de angst weer toeslaat. Totdat hij denkt: wat ben ik in vredesnaam aan het doen?! En hij begint te zinken.
“kleingelovige, waarom heb je getwijfeld,” zegt Jezus. Dat is geen verwijt. Dat is een aanmoediging: Keep the Faith! Als je gelooft dan houd je moed. Als je gelooft, brandt er ergens nog licht. Ook in een donkere wereld, als het stormt in je hoofd of in de wereld.
Keep the faith.

Vaak denken we dat geloof een kalm, sereen gevoel is. Maar deze Bijbeltekst en de song van Bon Jovi laten zien dat geloof soms pure topsport is. Geloven is vechten tegen de omstandigheden. Het is overboord stappen als alles in je zegt dat je in de boot moet blijven zitten.
Kijk niet naar de hoogte van de golven. Kijk naar de hand die naar je uitgestrekt is.
Geloof vraagt niet van je dat je perfect over het water blijft lopen zonder ooit te wankelen. Geloof vraagt alleen dat je, als je zinkt, je hand uitsteekt naar Hem.

 

p.s. foto is gemaakt tijdens het Kerstevent Belevingstheater 2025 in Veenendaal

Share:

Matteüs 14: 22-33

22Meteen daarna gelastte hij de leerlingen in de boot te stappen en alvast vooruit te gaan naar de overkant, hij zou ook komen nadat hij de mensen had weggestuurd. 23Toen hij hen weggestuurd had, ging hij de berg op om er in afzondering te bidden. De nacht viel, en hij was daar helemaal alleen. 24De boot was intussen al vele stadiën van de vaste wal verwijderd en werd, als gevolg van de tegenwind, door de golven geteisterd. 25Tegen het einde van de nacht kwam hij naar hen toe, lopend over het meer. 26Toen de leerlingen hem op het meer zagen lopen, raakten ze in paniek. Ze riepen: ‘Een spook!’ en schreeuwden het uit van angst. 27Meteen sprak Jezus hen aan: ‘Blijf kalm! Ik ben het, wees niet bang!’ 28Petrus antwoordde: ‘Heer, als u het bent, zeg me dan dat ik over het water naar u toe moet komen.’ 29Hij zei: ‘Kom!’ Petrus stapte uit de boot en liep over het water naar Jezus toe. 30Maar toen hij voelde hoe sterk de wind was, werd hij bang. Hij begon te zinken en schreeuwde het uit: ‘Heer, red me!’ 31Meteen strekte Jezus zijn hand uit, hij greep hem vast en zei: ‘Kleingelovige, waarom heb je getwijfeld?’ 32Toen ze in de boot stapten, ging de wind liggen. 33In de boot bogen de anderen zich voor hem neer en zeiden: ‘U bent werkelijk Gods Zoon!’